DE RECHTER ALS WETGEVER: De Haagse elite broedt op een gevaarlijke machtsgreep!

DE RECHTER ALS WETGEVER: De Haagse elite broedt op een gevaarlijke machtsgreep!

DEN HAAG – Vergeet het kabinetsbeleid en de begrotingscijfers. In de donkere krochten van de Tweede Kamer speelt zich momenteel een schimmig machtsspel af dat de fundamenten van onze democratie op hun grondvesten doet schudden. Terwijl u braaf op uw volksvertegenwoordigers stemt, hebben onverkozen rechters de macht naar zich toe getrokken. Het is de ultieme vraag: wie heeft er eigenlijk de broek aan in Nederland? De kiezer, of een stel wereldvreemde juristen in toga?

Het Binnenhof staat in brand, maar niet door een politiek schandaal van de dag. Nee, de strijd gaat over onze eigen Grondwet. In een verhit debat, waar de frustraties van het scherm spatten, kwam de pijnlijke waarheid boven tafel: de politiek is de controle over het land kwijtgeraakt aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en de Nederlandse rechterlijke macht.

‘De Rechterlijke Dictatuur’

De toon in de Kamer was snijdend. Aan de ene kant de VVD, die zichtbaar worstelt met de eigen spagaat, en aan de andere kant Gideon van Meijeren (FvD), die er geen doekjes om windt: volgens hem is onze democratie verworden tot een papieren tijger.

“Artikel 120 is een dode letter,” zo fulmineerde Van Meijeren. En hij heeft een punt dat de gemiddelde Nederlander diep in de maag zit. Artikel 120 verbiedt rechters normaal gesproken om wetten te toetsen aan de Grondwet. Maar door de achterdeur – via internationale verdragen zoals het EVRM – fietst de rechter alsnog dwars door elke wet heen die de Kamer met veel moeite heeft aangenomen.

Het resultaat? Een rechterlijke dictatuur. Wetten waar miljoenen mensen op hebben gestemd, worden door één of andere magistraat met een pennenstreek van tafel geveegd of aangepast. Denk aan de beruchte Urgenda-zaak, waarbij de rechter eigenhandig bepaalde wat het Nederlandse klimaatbeleid moest worden. De volksvertegenwoordigers konden vanaf de zijlijn toekijken hoe hun primaat werd verkwanseld.

De VVD in de knoop

En dan hebben we de VVD. U weet wel, de partij die zegt voor de ondernemer en de ‘gewone man’ te zijn. Ura Ellian van de VVD probeerde zich in het debat uit de bocht te wringen met een warrig verhaal over artikel 94 en artikel 120. De ene keer wil hij wel toetsen, de andere keer toch weer niet. Het is de klassieke Haagse blablabla: wel de lusten (internationale verdragen), maar niet de lasten (de soevereiniteit die we inleveren).

Ellian geeft ruiterlijk toe dat rechters veel te ruim omgaan met die verdragen. Hij noemt het zelf problematisch. Maar als het puntje bij het paaltje komt, durft de VVD niet door te pakken. Waar de kiezer vraagt om actie – namelijk: het primaat van de politiek herstellen – komt de VVD met een halfbakken pleidooi voor ‘terughoudendheid’. Een beetje zoals een inbreker vragen of hij de volgende keer iets minder hard wil rammen op je voordeur.

Wie de baas is in eigen huis

Het debat liet zien dat we in Nederland vastzitten in een supranationale wurggreep. Rechters verschuilen zich achter Europese verdragen, en politici verschuilen zich achter diezelfde rechters. Het is een perfecte manier om de hete aardappel door te schuiven. “Wij wilden het wel doen,” zeggen ze dan in Den Haag, “maar de rechter laat het niet toe!”

Wat we nu zien, is een machtsverschuiving van epische proporties. De volksvertegenwoordiging, het hart van onze democratie, verliest steeds meer invloed aan organisaties in het buitenland waar we op geen enkele manier controle op hebben. Nederland is in feite een schip geworden waar de kapitein (de politiek) de kaart heeft weggegeven aan een passagier (de rechter) die bepaalt waar we naartoe varen.

Rwanda als waarschuwing

Tijdens het debat viel ook de naam ‘Rwanda’. In het Verenigd Koninkrijk hebben ze gezien hoe internationale rechtspraak een democratisch besluit volledig onmogelijk kan maken. Dat is precies de angst die nu door de Kamer zingt. Willen we dat Nederland ook zo’n land wordt waar nationale besluiten alleen nog maar mogen als ze door een buitenlandse bril zijn goedgekeurd?

Voorstanders van het huidige systeem roepen dan altijd: “Maar de rechtsbescherming!” Maar sinds wanneer is rechtsbescherming een excuus om de democratie uit te kleden? Als rechters bepalen wat er moet gebeuren, wie beschermt de burger dan nog tegen de rechter? Wie controleert de controleurs?

Een ticking timebomb

De spanning tussen de rechter en de wetgever is geen juridisch haarkloverij-debatje voor in de rechtszaal. Het gaat over alles. Het gaat over wie bepaalt hoeveel belasting je betaalt, hoe ons immigratiebeleid eruitziet en hoe onze zorg geregeld wordt.

De houding van de VVD is ronduit teleurstellend. Terwijl Van Meijeren hamert op het herstel van de democratische macht, blijft Ellian hangen in theoretisch geneuzel. Het lijkt erop dat de partij van de VVD meer waarde hecht aan het behoud van internationale ‘netwerken’ dan aan de soevereiniteit van de Nederlandse kiezer.

Wat nu?

Het debat was scherp, respectvol misschien, maar fundamenteel destructief voor het vertrouwen in de politiek. Want laten we eerlijk zijn: als de politiek niet meer bij machte is om wetten te maken die standhouden tegen de wil van een onverkozen rechter, waarom gaan we dan überhaupt nog naar de stembus?

De komende tijd zal dit thema als een rode draad door de politiek lopen. De vraag is of de kiezer nog langer accepteert dat zijn stem in het stemhokje ondergeschikt is aan de uitspraak van een rechter die zich beroept op een vaag verdrag uit 1950.

De constitutionele crisis is hier. De politieke elite weet het, de rechters weten het, en nu weet u het ook. De grote vraag is: wie durft de echte revolutie aan om Nederland weer van de Nederlanders te maken?

Wat vindt u? Moet de politiek de macht van de rechter inperken, of vindt u dat internationale verdragen onze enige redding zijn? De redactie hoort graag uw ongezouten mening in de comments!

DEN HAAG – Vergeet het kabinetsbeleid en de begrotingscijfers. In de donkere krochten van de Tweede Kamer speelt zich momenteel een schimmig machtsspel af dat de fundamenten van onze democratie op hun grondvesten doet schudden. Terwijl u braaf op uw volksvertegenwoordigers stemt, hebben onverkozen rechters de macht naar zich toe getrokken. Het is de ultieme vraag: wie heeft er eigenlijk de broek aan in Nederland? De kiezer, of een stel wereldvreemde juristen in toga?

Het Binnenhof staat in brand, maar niet door een politiek schandaal van de dag. Nee, de strijd gaat over onze eigen Grondwet. In een verhit debat, waar de frustraties van het scherm spatten, kwam de pijnlijke waarheid boven tafel: de politiek is de controle over het land kwijtgeraakt aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en de Nederlandse rechterlijke macht.

‘De Rechterlijke Dictatuur’

De toon in de Kamer was snijdend. Aan de ene kant de VVD, die zichtbaar worstelt met de eigen spagaat, en aan de andere kant Gideon van Meijeren (FvD), die er geen doekjes om windt: volgens hem is onze democratie verworden tot een papieren tijger.

“Artikel 120 is een dode letter,” zo fulmineerde Van Meijeren. En hij heeft een punt dat de gemiddelde Nederlander diep in de maag zit. Artikel 120 verbiedt rechters normaal gesproken om wetten te toetsen aan de Grondwet. Maar door de achterdeur – via internationale verdragen zoals het EVRM – fietst de rechter alsnog dwars door elke wet heen die de Kamer met veel moeite heeft aangenomen.

Het resultaat? Een rechterlijke dictatuur. Wetten waar miljoenen mensen op hebben gestemd, worden door één of andere magistraat met een pennenstreek van tafel geveegd of aangepast. Denk aan de beruchte Urgenda-zaak, waarbij de rechter eigenhandig bepaalde wat het Nederlandse klimaatbeleid moest worden. De volksvertegenwoordigers konden vanaf de zijlijn toekijken hoe hun primaat werd verkwanseld.

De VVD in de knoop

En dan hebben we de VVD. U weet wel, de partij die zegt voor de ondernemer en de ‘gewone man’ te zijn. Ura Ellian van de VVD probeerde zich in het debat uit de bocht te wringen met een warrig verhaal over artikel 94 en artikel 120. De ene keer wil hij wel toetsen, de andere keer toch weer niet. Het is de klassieke Haagse blablabla: wel de lusten (internationale verdragen), maar niet de lasten (de soevereiniteit die we inleveren).

Ellian geeft ruiterlijk toe dat rechters veel te ruim omgaan met die verdragen. Hij noemt het zelf problematisch. Maar als het puntje bij het paaltje komt, durft de VVD niet door te pakken. Waar de kiezer vraagt om actie – namelijk: het primaat van de politiek herstellen – komt de VVD met een halfbakken pleidooi voor ‘terughoudendheid’. Een beetje zoals een inbreker vragen of hij de volgende keer iets minder hard wil rammen op je voordeur.

Wie de baas is in eigen huis

Het debat liet zien dat we in Nederland vastzitten in een supranationale wurggreep. Rechters verschuilen zich achter Europese verdragen, en politici verschuilen zich achter diezelfde rechters. Het is een perfecte manier om de hete aardappel door te schuiven. “Wij wilden het wel doen,” zeggen ze dan in Den Haag, “maar de rechter laat het niet toe!”

Wat we nu zien, is een machtsverschuiving van epische proporties. De volksvertegenwoordiging, het hart van onze democratie, verliest steeds meer invloed aan organisaties in het buitenland waar we op geen enkele manier controle op hebben. Nederland is in feite een schip geworden waar de kapitein (de politiek) de kaart heeft weggegeven aan een passagier (de rechter) die bepaalt waar we naartoe varen.

Rwanda als waarschuwing

Tijdens het debat viel ook de naam ‘Rwanda’. In het Verenigd Koninkrijk hebben ze gezien hoe internationale rechtspraak een democratisch besluit volledig onmogelijk kan maken. Dat is precies de angst die nu door de Kamer zingt. Willen we dat Nederland ook zo’n land wordt waar nationale besluiten alleen nog maar mogen als ze door een buitenlandse bril zijn goedgekeurd?

Voorstanders van het huidige systeem roepen dan altijd: “Maar de rechtsbescherming!” Maar sinds wanneer is rechtsbescherming een excuus om de democratie uit te kleden? Als rechters bepalen wat er moet gebeuren, wie beschermt de burger dan nog tegen de rechter? Wie controleert de controleurs?

Een ticking timebomb

De spanning tussen de rechter en de wetgever is geen juridisch haarkloverij-debatje voor in de rechtszaal. Het gaat over alles. Het gaat over wie bepaalt hoeveel belasting je betaalt, hoe ons immigratiebeleid eruitziet en hoe onze zorg geregeld wordt.

De houding van de VVD is ronduit teleurstellend. Terwijl Van Meijeren hamert op het herstel van de democratische macht, blijft Ellian hangen in theoretisch geneuzel. Het lijkt erop dat de partij van de VVD meer waarde hecht aan het behoud van internationale ‘netwerken’ dan aan de soevereiniteit van de Nederlandse kiezer.

Wat nu?

Het debat was scherp, respectvol misschien, maar fundamenteel destructief voor het vertrouwen in de politiek. Want laten we eerlijk zijn: als de politiek niet meer bij machte is om wetten te maken die standhouden tegen de wil van een onverkozen rechter, waarom gaan we dan überhaupt nog naar de stembus?

De komende tijd zal dit thema als een rode draad door de politiek lopen. De vraag is of de kiezer nog langer accepteert dat zijn stem in het stemhokje ondergeschikt is aan de uitspraak van een rechter die zich beroept op een vaag verdrag uit 1950.

De constitutionele crisis is hier. De politieke elite weet het, de rechters weten het, en nu weet u het ook. De grote vraag is: wie durft de echte revolutie aan om Nederland weer van de Nederlanders te maken?

Wat vindt u? Moet de politiek de macht van de rechter inperken, of vindt u dat internationale verdragen onze enige redding zijn? De redactie hoort graag uw ongezouten mening in de comments!

Related Articles

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Back to top button

Adblock Detected

Disable ADBLOCK to view this content!